Leerlingvolgsysteem

In het kort

Voor de kernvakken Nederlands, Engels en wiskunde/rekenen moeten scholen een leerlingvolgsysteem (LVS) gebruiken.*  

Het gaat om de  vorderingen in kennis en vaardigheden van de leerling. 

De school moet dit met behulp van toetsen doen voor Nederlands, Engels en wiskunde/rekenen.

Het gaat om de eerste twee jaren van het vmbo en de eerste drie jaren van havo/vwo.

De school moet zelf een LVS kiezen. De inrichting ervan is een zaak van de school. 

De inspectie zal erop toezien dat scholen de beschikbare data registreren en vooral ook systematisch gebruiken bij opbrengstgericht werken.

Het systeem kan ook voor andere vakken worden gebruikt.  

* volgens het voorstel van wet

de praktijk nu

Veel scholen gebruiken in de onderbouw al een leerstofonafhankelijk LVS.  Bekende aanbieders van een LVS in de zin van de wet zijn onder meer DiataalCito-volg en TOA-ICE.

relatie LVS en de tussendoelen

De tussendoelen voor de onderbouw geven houvast voor het LVS voor Nederlands, Engels  en wiskunde /rekenen.


wat betekent dit voor het vak Engels?

- De tussendoelen en het ERK vanaf leerjaar 1 opnemen in het vakleerplan.

- Leerlingen een instaptoets (nulmeting) geven voor de herfstvakantie van leerjaar 1.

- Systematisch een aantal keren toetsen hoe de leerling er voor staat bij de verschillende vaardigheden.

- Goed afstemmen met Nederlands en rekenen/wiskunde.  


 Wat is/wordt de wettelijke basis van dit alles? Klik hier.

 

2015                                                                                                                                                    jonomul@me.com