Historisch perspectief, 5 eeuwen Engels in Nederland


Deze site - 'kernvakengels.nl' - gaat over de toekomst van het vak Engels in het voortgezet onderwijs.

Op deze pagina is er aandacht voor het verleden van het schoolvak Engels.  Wanneer is het Engels een verplicht vak geworden in Nederland ? Hoe zag het vak er uit in die begintijd? 

Deze pagina is nu in ontwikkeling.  Daarom ben ik nog op zoek naar o.a. afbeeldingen, oude lessentabellen (van voor 1920) en oude examens (hbs en ulo). Wie kan mij helpen? Alvast dank!



Voor de geschiedenis van Engels als schoolvak zijn er 3 bijzondere bronnen.

1) Allereerst kan je kijken op een een mooie website van Levende Talen: 

www.talenexpo.nl 

Pieter Loonen en Frans Wilhelm hebben allebei een grote bijdrage geleverd aan de beschrijving van het schoolvak Engels van 1500-1920. Wie de historische diepte in wil kan putten uit deze bronnen:

2) Frans Wilhelm, English in the Netherlands, 1800-1920, 2005.  Deze dissertatie bevat zeer veel informatie en een uitgebreide bibliografie. Hieronder maak ik regelmatig gebruik van zijn werk.

3) Pieter Loonen,  For to learne to buye and sell. Learning English in the Low Dutch Area between 1500 and 1800, 1991.     

Een module over de geschiedenis van het schoolvak Engels zou goed passen in het programma van de docentenopleiding Engels.


Hieronder, heel kort, zet ik alvast wat hoofdpunten op een rij.

Rond 1860 veranderde Nederland steeds meer in een industriële samenleving. Grote delen van de bevolking trokken van het platteland naar de stad. De vraag naar onderwijs is in die periode enorm toegenomen. Het middelbaar onderwijs - mulo, hbs, gymnasium - is toen ontstaan.

De mulo (meer uitgebreid lager onderwijs) dateert van 1857. Op deze voorloper van de mavo was Engels nog lange tijd niet verplicht,  al werd het in de loop van die eeuw op steeds meer scholen aangeboden.

De moderne talen - Engels, Nederlands, Frans en Duits - zijn vanaf 1863 wel verplichte schoolvakken in een ander deel van het voorgezet onderwijs: de hbs.

1863 is sowieso een belangrijk jaar geweest voor het onderwijs in Nederland.  Toen is de hbs begonnen. Deze 'hogere burgerschool' werd ingevoerd bij de Wet op het middelbaar onderwijs uit 1863 van de liberaal Thorbecke. Het doel was een algemene opleiding voor velerlei beroepen te bieden en daarmee jongelieden uit de gezeten burgerij voor te bereiden op 'hogere' posities in de maatschappij. En het ging vooral om jongens. Meisjes moesten van de Minister toestemming hebben om examen te doen. 

Het middelbaar onderwijs was lange tijd voor een zeer beperkt deel van de bevolking bestemd.  Pas in het jaar 1900 is de algemene leerplichtwet voor het lagere onderwijs aangenomen. 

Zeer weinig kinderen kregen Engels op school. Rond 1900 betrof het minder dan 4% van alle kinderen van de middelbare schoolleeftijd (Wilhelm, p 102).

Hoe was het vóór 1863?  Around 1800 English was, to all intents and purposes, still an unknown language in the Netherlands. (Wilhelm, 548 ).

De taaldocent bepaalde zelf wat er werd onderwezen en hoe dat gebeurde. Landelijke richtlijnen voor toetsing waren er niet.  

Tot in diep in de negentiende eeuw leerden de meeste mensen vreemde talen op hun eigen houtje in de praktijk of via zelfstudie. Ook namen ze soms privéles. Voor zover vreemde talen in een schoolsituatie werden geleerd, bijvoorbeeld op de Franse scholen, gebeurde dat min of meer op individuele basis en niet zozeer klassikaal. Vanuit ons perspectief gezien was dat eigenlijk een heel moderne aanpak, want leren is nu eenmaal een individueel proces. In de praktijk betekende deze aanpak dat de leraar persoonlijk “in gesprek ging” met zijn leerlingen. Dezen moesten voor de leraar opzeggen wat ze (van buiten) hadden geleerd en er ontstond een soort gesprekssituatie. De leerboeken van rond 1800 bevatten dan ook talloze dialoogjes en gebruiksklare zinnetjes waarmee je een gesprek kon voeren. Ook bevatten de leerboekjes korte grammaticale overzichten en woordenlijsten. De leerlingen hebben dit materiaal waarschijnlijk moeten overschrijven om het beter te kunnen memoriseren.

bron: www.talenexpo.nl 


Before 1920 English was generally not taught before the age of 12, as it did not have a place in the curriculum of (state) primary schools for 6- to 12-year-olds. Higher Burgher School pupils would normally be 14 years old and grammar school pupils 15 years of age, when they started to learn English. (Wilhelm, 548 ).

 

Wilde je Engels leren, dan kon dat ook buiten de school. Do You Speak English?  van C. H. Gunn was een 'handboek om spoedig en gemakkelijk Engelsch te leeren spreken. Bevattende de meest gebruikelijke uitdrukkingen, welke in den dagelijkschen omgang voorkomen'.



00015

Vrij bewerkt naar het Hoogduitsch en Engelsch Handboek van K.G. Clairmont. Tweede druk, herzien en verbeterd door C.H. Gunn. Gunn was een van de eerste echte vakdidactici voor Engels. In Wilhelm (2005) kan je daar meer over lezen.




MONDELING EXAMEN H.B.S. 1870-1901

Uit het examenprogramma H.B.S. voor Frans, Duits en Engels 1870-1901:



Bij het mondeling onderzoek mag geëist worden, dat de kandidaat zich in de vreemde taal redelijk wete uit te drukken en van de toepassing der taalregels behoorlijk rekenschap wete te geven. 
Het onderzoek in letterkunde bepale zich tot de hoofdtijdvakken der letterkundige geschiedenis en enkele der voornaamste voortbrengselen der letterkunde, inzonderheid van dat tijdvak, waarin de letterkunde bijzonder heeft gebloeid, en van de laatste tijd.

The grammar school examinations, first begun in 1877, only consisted of a reading comprehension test, whereby an English text had to be translated into Dutch. Other language skills were not examined. The grammar school examinations would not be changed over a period of 90 years. The Higher Burgher School examinations were altered three times between 1868 and 1920, so that this period may be looked upon as a time of experiment. In 1920 the Higher Burgher Schools and (M)ULO schools adopted the written examination form of grammar schools. From now on all types of secondary schools had the same form of written examinations, i.e. a translation L2-L1. This form was to determine teaching methodology in Dutch FLT to a large extent in the next fifty years. (Wilhelm, 550).


Hieronder wat afbeeldingen uit de periode tot 1928.

Bron: Vries, J.A. de, De lerarenopleiding moderne vreemde talen, Wolters – Noordhoff, 1972    

hbs examen engels  1928


















2015                                                                                                                                                    jonomul@me.com